Bloedbad van Sivas

2015-09-18 22_45_30-Alevi Birligi AschaffenburgHet bloedbad van Sivas verwijst naar de gebeurtenissen op 2 juli 1993 in de stad Sivas (Turkije), waarbij door een aanval van een islamitisch-fundamentalistische menigte 37 mensen omkwamen. De meeste slachtoffers waren intellectuelen (schrijvers, dichters, musici, zangers, karikaturisten, kunstenaars e.a.) en behoorden toe aan een islamitische Turkse minderheidsgroepering, de alevieten. Ook kwam er een Nederlandse studente om. Het bloedbad van Sivas wordt ook de moordpartij van Sivas, het drama van Sivas (Turks: Sivas dramı) of de Sivas Madimak-gebeurtenissen (Turks: Sivas Madımak olaylari) genoemd.

Festival

Van 1 t/m 4 juli 1993 zou in de binnenstad van Sivas voor de vierde keer het Pir Sultan Abdal Cultuurfestival worden gehouden. Dit is een festival met culturele en intellectuele activiteiten als zang, muziek, toneelstukken en lezingen over democratie en mensenrechten. Het festival is genoemd naar de uit deze streek afkomstige 16e-eeuwse alevitische Turkse dichter, zanger en mysticus Pir Sultan Abdal. Een ander prominent alevitische figuur uit deze streek is Aşık Veysel Şatıroğlu. Niet alleen veel alevieten bezoeken het festival, maar ook liberale en progressieve niet-alevitische Turken, zoals de 76-jarige Turkse schrijver en dichter Aziz Nesin.

Op de eerste dag werden er op verschillende locaties in het centrum festiviteiten gehouden. Op de tweede dag werd het festival op verschillende locaties al vroeg verstoord door samengeschoolde Turkse islamisten en extreem-nationalisten. Tijdens een culturele lezing die zou worden gehouden in het Madimak-hotel was de soennitische menigte uitgegroeid tot over de 10.000, die het hotel in brand staken. Dit resulteerde in de dood van 37 personen. Onder de slachtoffers bevonden zich ook enkele kinderen en een Nederlandse laatstejaarsstudente cultureel antropologie van de universiteit van Leiden. Daarnaast vielen er vele gewonden.

Fatale aanslag

Terwijl de festivalactiviteiten doorgingen vormden zich in de achtergrond groepen rondom de moskeeën en andere plekken. Er was sprake van een geplande actie van de extremisten. Er waren militante extremisten uit naburige steden die onderdak kregen bij verblijfshuizen van de gemeente, bij ultranationalistische verblijfshaarden en aan moskeeën gelieerde verblijfshuizen. Om de gevoelens op te zwepen werden er manifesten, geschriften en oproepen verdeeld onder de bevolking van Sivas. De dagen voor de hotelbrand werden er verschillende pamfletten verspreid onder de moslimbevolking. De pamfletten zijn onderbouwd met verzen uit de Koran[1]. In een van de pamfletten wordt er gerept over de “imperialistische ongelovigen” en de “hond Salman Rushdie”…(..)…”afvallige en hond Aziz Nesin”…”Aan de Moslimmenigte; Bismillâhirrahmânirrahim; In naam van Allah; De profeet is belangrijker dan de eigen ziel/lichaam van de moslimvolgelingen”. Een ander pamflet, verspreid op de avond voor de fatale gebeurtenissen, speelt in op de nationalistische sentimenten van Turkse moslims en ageert tegen ongelovigen. Later zullen de moslims op straat de roep om de sharia en een op islam geschoeide Turkse staat scanderen: “Hier is de (Turkse) republiek geboren en hier zal hij ten grave worden gedragen”. De fatale gebeurtenissen vinden hun hoogtepunt in aanslagen op het hotel waar de culturele activiteiten zich naar toe hadden verplaatst. Ramen van het hotel worden met stenen ingegooid. Delen van het hotel worden in brand gezet. Voor het hotel zijn er leuzen als “brand de ongelovigen” te horen. Velen maken een grijze-wolfteken met hun vingers. Ook wordt er elders een buste van Pir Sultan Abdal en Mustafa Kemal Atatürk vernietigd. Slachtoffers die het hotel weten te ontkomen worden door de menigte opgevangen en ernstig toegetakeld met stokken. Sommige leden van de politie weten verdere lynchpraktijken te voorkomen. Daarbij roepen de moslimfundamentalisten: “We verbranden vrouwen, meisjes, jonge meisjes. Ze hebben de sema gedanst. We verbranden! Branden zullen jullie, hoeren!”. Naast de racistische uitingen op de alevieten zijn er ook persoonlijke doodsverwensingen op Aziz Nesin, die de aanslag zelf wist te ontkomen doordat hij in eerste instantie niet door de menigte herkend werd. Als de fatale gebeurtenissen zich hebben voltrokken, beginnen de autoriteiten de ernst van de situatie pas in te zien. Later in de avond wordt er een straatverbod afgekondigd.

Nasleep

Het bloedbad van Sivas heeft tot een alevitische institutionalisering van culturele verenigingen in binnen- en buitenland geleid, waarbij het benadrukken van de eigen identiteit en de mensenrechtensituatie in Turkije een belangrijkere rol ging spelen.

Ook ontstonden er scherpere politieke verhoudingen tussen de linkse en rechtse politieke partijen op het gebied van secularisme. Van de moslimextremisten die zijn opgepakt, zijn bij vonnis van 28 november 1997 door de Staatsveiligheidsrechtbank 33 daders voor hun rol in het bloedbad ter dood veroordeeld. Bij hoger vonnis van 2001 werd dit teruggebracht tot 31 daders. In 2002 werd de doodstraf afgeschaft in Turkije en werden de straffen omgezet in levenslang. De processen vertoonden in de ogen van de alevieten en andere Turkse intellectuelen niet altijd een rechtvaardige gang van zaken: er zouden te weinig daders zijn opgepakt en het nalaten van de (niet-alevitische) autoriteiten in te grijpen op de dag van de gebeurtenissen zou onderbelicht blijven. De politie liet de islamitische menigte volledig haar gang gaan en wachtte geduldig af tot het drama zich voltrokken had. De brandweer kwam pas in actie toen het vuur zich zo goed als gedoofd had. Vanuit verschillende instanties, zoals het leger, zou er willens en wetens geen ondersteuning komen.

Ook werden er tijdens de strafprocessen niet altijd inhoudelijke argumenten gevoerd, maar ingespeeld op de sentimenten van de moslimbevolking om de daders vrij te krijgen. Zo beweerde de advocaat van de daders Şevket Kazan (destijds tevens partijlid en minister van Justitie van de toenmalige islamitische Welvaartspartij en actief lid van de nationaal-islamitische Turkse rechtse beweging Milli Görüş), dat alle gevangenen die meerdere soera’s uit hun hoofd kenden, onmiddellijk in vrijheid dienden te worden gesteld.

Ook werden er steunbetuigingen en bezoeken van medeleven gebracht aan de opgepakte daders door verschillende rechtse ministers en partijleden. Niet alleen van extreemrechtse nationalistische en islamitische partijen, maar ook van rechtse centrumpartijen. Ook dit zou getuigen van de discriminerende en onrechtvaardige mentaliteit van de Turkse moslims ten opzichte van de alevitische minderheden. De houding van politici zou aantonen dat de eeuwenlange racistische en fascistische uitingen ten opzichte van de minderheden, in de Turkse politiek verder geïnstitutionaliseerd zijn.

Een ander als onrechtvaardige en discriminerende ervaren uiting is het feit dat het hotel nog steeds niet veranderd is in een museum ter nagedachtenis aan de slachtoffers. Deze door de alevieten geuite wens is sinds 1993 tot aan de huidige regering tegengehouden.

Lijst van slachtoffers

  • Asuman Sivri (Ankara, 1977)
  • Yasemin Sivri (Ankara, 1974)
  • Hasret Gültekin (Sivas, 1971) – dichter, zanger, musicus
  • Yeşim Özkan (Ankara, 1973)
  • Huriye Özkan (Ankara, 1971)
  • Belkis Çakir (Ankara, 1975)
  • Muammer Çiçek (Tokat, 1967) – toneelspeler, acteur
  • İnci Türk (Balikesir, 1971)
  • Gülsün Karababa (Sivas, 1971)
  • Handan Metin (Sivas, 1973)
  • Sait Metin (Sivas, 1970)
  • Gülender Akça (Sivas, 1968)
  • Carina Cuanna Thuijs (Doetinchem, 1971) – studente Universiteit van Leiden
  • Mehmet Atay (Sivas, 1968) – journalist
  • Murat Gündüz (Ankara, 1971)
  • Özlem Şahin (Ankara, 1976)
  • Nurcan Şahin (Ankara, 1975)
  • Ahmet Özyurt (Ankara, 1972)
  • Serkan Doğan (Ankara, 1974)
  • Serpil Çanik (Ankara, 1974)
  • Sehergül Ateş (Tunceli, 1963)
  • Uğur Kaynar (Sivas, 1956) – dichter
  • Asaf Koçak (Yozgat, 1957) – karikaturist
  • Erdal Ayranci (Niğde, 1958)
  • Behçet Aysan (Ankara, 1949) – dichter
  • Metin Altiok (Izmir, 1941) – dichter, schrijver
  • Asim Bezirci (Erzincan, 1927) – onderzoeker, vrijdenker, filosoof, schrijver
  • Nesimi Çimen (Adana, 1931) – dichter, zanger, musicus
  • Muhibe Akarsu (Sivas, 1958)
  • Muhlis Akarsu (Sivas, 1948) – dichter, zanger, musicus
  • Edibe Sulari (Erzincan, 1952) – toneelspeler, acteur
  • Menekşe Kaya (Ankara, 1977)
  • Koray Kaya (Ankara, 1981)

Veel alevieten en intellectuelen hebben de aanslag overleefd, maar zijn wel met verwondingen opgenomen in het ziekenhuis. Bekende alevieten en intellectuelen die de aanslag hebben overleefd zijn bijvoorbeeld Arif Sağ en Aziz Nesin.